donderdag 24 september 2009

Omgangsvormen en communicatie

Vandaag hadden we op 380 Edwards street een Japanner op bezoek, een onderzoeker die bij Masa langs kwam. Het is gebruikelijk dat zulk soort gasten dan een lunchpraatje houden. Reinout gaat dat over een dag of vier ook doen als hij bij mij langskomt. Vandaag was er free food bij aanwezig, wat bepaald een pluspunt is en de opkomst bevordert, niet alleen voor studenten; hopelijk is dat er maandag ook. Japanners hebben de gewoonte onverstaanbaar Engels te spreken en hele hele ingewikkelde powerpoint presentaties te maken, met gecompliceerde schema's en ingewikkelde bouwwerken en veel te veel informatie op zo'n slide om in je op te kunnen nemen. Deze Japanner was geen uitzondering. Zijn presentatie was behoorlijk onbegrijpelijk, hij begreep onze vragen niet en wij zijn antwoorden niet. Desondanks straalde hij van genoegen. Waaraan meet hij zijn succes af? Want het was voor hem duidelijk een succes. Op die vraag heb ik geen antwoord.

Waarom is het zo'n opluchting om met een landgenoot te praten? Het is niet de taal; hoewel het comfortabel is om Nederlands te spreken hoef ik ook in het Engels niet naar woorden te zoeken. Het is meer een soort gemakkelijk en vertrouwd gevoel, een ons-kent-ons achtig iets. De kijk op de wereld, de verbazing, hoe zo'n gesprek verloopt, de grapjes zelfs zijn toch heel herkenbaar onder landgenoten. Het Nederlander-gehalte in mijn leven was hoog vandaag - Ingrid was er, Selma belde en ik had een lang gesprek met iemand van het ministerie van VROM. De opluchting dat je weet dat aan het andere eind van die telefoonlijn een gewone Hollandse botterik zit, die geen blad voor de mond neemt en dat ook van mij niet verwacht! Ik vind dit, nu ik het zo ervaar, een heel andere kijk geven op dingen als integratie, buitenlanderwijken enzovoorts. Het is volkomen logisch dat mensen van dezelfde achtergrond in het buitenland bij elkaar kruipen. Waarom is dat eigenlijk erg? Ik zou het ook doen en er mij beter bij voelen. En ik geloof niet dat het mijn functioneren in de maatschappij zou belemmeren als ik het deed. Daar krijg je vanzelf heus genoeg van mee.

Vanavond heb ik bij overbuurman Reid gegeten. Met zijn kinderen Hannah en Noah - a really Jewish family, inderdaad, zelfs een Hebreeuws naambordje naast het Amerikaanse. Van de afhaalchinees, aan de keukentafel, uit kartonnen bakjes met alleen een vork en een plastic beker prikwater. Dat vind ik dus een groot genoegen. 't Was ook eigenlijk een impuls-uitnodiging op het laatste moment omdat we vandaag voor het laatst overburen zijn. Hannah gaat volgend jaar naar College. Om die reden gaan ze morgen met haar naar Los Angeles om wat colleges uit te checken. En als ze terugkomen ben ik weg hier bij de Vortmeyers. Noah zit nog op middle school - ze hebben er drie hier: elementary school van 5 - 10 jaar, middle school van 10 - 15, en high school van 15 - 18. Grappig dat ze, vanwege eigen keuze, op zeer verschillende scholen zitten. Hannah op een volksschool met 50% hispanics, 45% blacks en 5% whites, en een hoog gehalte zwangere meisjes, Noah op een arrogant rich kids school van professorskinderen. 't Is ook niet het typische rijke Amerikaanse gezin. Beth, Reids vrouw, heeft een carriere in iets PR-achtigs opgegeven om les te gaan geven op een middelbare school. Het verdient veel minder en geeft veel minder status maar ze vindt het wel veel leuker. En ze heeft meer tijd voor andere dingen. Zoals haar kids.

Hier in huize Vortmeyer is de nanny Colleen er weer tot laat - 't is al half elf en ze is er nog! Ik was blij haar te zien, een eiland van normaalheid in deze geschifte familie. Hi, how're you doin'? I'm good, how are you doing?

Geen opmerkingen:

Een reactie posten